The Divine Life Society
Afdeling Aalst
Homepage

Uit licht van Sivanada : september 2009   Vol. 508

DE ULTIEME WERKELIJKHEID

Swami Sivananda

Het leven is geen lijdensweg. Men zou honderd jaar moeten leven door handelingen te stellen zonder gehechtheid. Het leven is geen slavernij wanneer men het bekijkt in het juiste licht. Een wijs mens die de juiste kennis bezit ziet alle wezens als zijn eigen Zelf en zijn Zelf als alle wezens. Voor hem is alles zijn eigen Zelf. Hij wordt niet geraakt door smart, begoocheling of enigerlei zorg.

De Ultieme Werkelijkheid is onbeschrijflijk. Ze ligt buiten het bereik van de geest en de zintuigen. Ze ligt zelfs buiten het bereik van het intellect. Woorden kunnen haar niet beschrijven. De geest kan haar niet bevatten. Het intellect kan haar niet begrijpen. De zintuigen kunnen haar niet waarnemen. Die wonderbare Werkelijkheid is de Waarheid. Brahmagnyaana (kennis van het Absolute) is geen kennis van iets, maar het worden van Absolute Kennis zelf. Het is het Oneindige Subject, indien men de spraak toelaat haar aldus te beschrijven. Ze is absoluutheid en ligt dus buiten het concept van de dualiteit en de paren van tegenstellingen. De grootste zegen is Dat te kennen en het is een onfortuinlijk mens die sterft zonder die kennis.

Sterfelijke dingen zijn oppervlakkig en zijn dus niet begerenswaardig. Zelfs een leven van vele jaren is maar heel kort. Het is niets. Het heeft geen nut de dingen te willen genieten. De mens vindt niet echt voldoening in rijkdom. Hij verlangt naar onsterfelijkheid zelfs tegen beter weten in. Ongelukkiglijk loopt hij achter het aangename aan in plaats van achter het echt goede. Het goede is één ding en het aangename is een ander ding. Het ene verlost en het andere bindt. Men zou het aangename niet mogen grijpen al is het een ogenblik nog zo aanlokkelijk.

Het Aatman (Zelf) is ongeboren en ook sterft het nooit. Het is niet van ergens gekomen en het is niet iets geworden. Het is ongeboren, constant, eeuwig en allereerst, het is dat wat niet wordt gedood als het lichaam wordt gedood. Het Aatman is verborgen in het diepste binnenste van het hart van alle wezens. Het kan door geen enkele mate van redenering, studie of onderrichting worden bereikt. Het komt slechts door de hoogste genade. Een gewetenloos mens, die het bedriegen niet kan laten, kan niet hopen het Aatman te bereiken.

De weg naar het Allerhoogste is bezaaid met scherpe doorns. Hij is als de snede van een scheermes, moeilijk te betreden, een heel zwaar pad. Het kan slechts worden betreden met de hulp van de van wijze mensen verkregen kennis. Door Dat te weten wordt men bevrijd uit de verschrikkelijke muil van de dood.

De geest en de zinnen gaan altijd naar buiten. Slechts mensen die discipline en doorzettingsvermogen bezitten kunnen naar binnen kijken en het Aatman ervaren zoals het werkelijk is. Degenen die geen kennis van de Waarheid bezitten vallen in het net van de wijdverspreide dood. Slechts de wijzen, die de staat van onsterfelijkheid kennen, zoeken het standvastige Absolute niet in vergankelijke dingen.

Hunker niet naar de dingen van de wereld. Wat daar is, is ook hier. Hij die dualiteit ziet in de wereld verwerft dood na dood. Er is hier eigenlijk niets dat veel is. De ene Ultieme Werkelijkheid verschijnt als veelheid, bekleed met verscheidene namen, vormen en handelingen.

Het Aatman (Zelf) of het Brahman (het Absolute) heeft geen verbinding met de wereld van verandering. Zoals de zon niet wordt bezoedeld door gebreken van de ogen, zo wordt ook het Antaraatman (innerlijke Zelf) niet bezoedeld door de defecten van de wereld. Zoals er één vuur is op de wereld dat in vorm overeenkomt met elke vorm, zo komt het ene Antaraatman van de dingen in vorm overeen met elke vorm en toch is het buiten dit alles.

De goedheid, het licht, het plezier en de schoonheid van de wereld worden daar zelfs niet in naam gevonden. Het Absolute overtreft de pracht van de zon en de grootheid van de schepper. Die staat wordt ervaren wanneer de zinnen samen met de geest ophouden te werken en wanneer het intellect niet beweegt en wanneer er alleen bewustzijn is. Wanneer alle begeerten die verblijven in het hart worden bevrijd, wordt het sterfelijke onsterfelijk. Hierin bereikt hij Brahman.