The Divine Life Society
Afdeling Aalst
Homepage


JAPA YOGA

Narayana

Uit: Licht van Sivananda, juni 1998, vol. 398

Eén doel

Iets kan wijd vertakt zijn en toch maar één doel hebben. Geneeskunde bij voorbeeld. Ze heeft maar één doel: zieken genezen. Maar er zijn vele manieren om te proberen dat te bereiken, zoals iedereen wel weet. Zo heeft ook Yoga maar één doel, wat niet iedereen weet, en dat is de mens te genezen van zijn Zelfvervreemding of hem de verlichting te brengen (wat dat voor oningewijden ook moge betekenen).

Zelfvervreemding? Misschien zeggen dokters en psychiaters nu dat we een nieuwe ziekte hebben uitgevonden, maar zo is het niet. Als dokters en psychiaters hun werk hebben gedaan of als er geen werk was te doen, omdat er geen kwalen of afwijkingen te behandelen vielen, dan ben je in de ogen van de Yogi of de wijze toch nóg niet in orde. En de aandoening waaraan je dan nog lijdt, zeggen ze, is de formidabelste van alle aandoeningen. Maar we willen het niet geweten hebben. Dat is de grote moeilijkheid. Als iedereen aan dezelfde kwaal lijdt, dokters incluis, wordt ze immers niet meer als zodanig herkend: de afwijking werd de norm. Maar er zijn ook op dit gebied altijd uitzonderingen en dat zijn de wijzen of Yogis. En die wijzen zijn als een oase in de woestijn of als een regenbui na lange droogte. Zij hebben voor de oorzaak van alle kwalen verscheidene namen bedacht, zoals onwetendheid (agnyaana of avidyaa) en Zelfvervreemding (adhyaasa). Yoga kent vele beproefde methodes om daarvan te worden verlost.

De middelen

Om de middelen van een wetenschap of methode te kennen moet men weten wat haar doel is. Om die reden begon ik dan ook met iets te zeggen over het doel van Yoga. Wat is nu de Zelfvervreemding? Zelfvervreemding is dat men "ik" zegt tegen iets wat men niet is. En omdat hij "ik" zegt tegen iets wat hij niet is, houdt de mens niet echt van zichzelf en omdat hij niet echt houdt van zichzelf vertoont hij in mindere of meerdere mate een zelfvernietigend gedrag. Dat is zozeer een feit dat Freud tot de conclusie kwam dat de mens bezeten is van een doodsdrift. Om dat te begrijpen hoefje geen psychiater te zijn. Je ziet het overal gebeuren en je stelt het ook vast in je eigen leven. Er zijn voorbeelden te over. Het is bewezen, roken veroorzaakt kanker en talrijke andere kwalen en brengt heel wat ongemakken mee en toch wordt er nog altijd ontzettend veel gerookt. Drinken en drugs ondermijnen de gezondheid en de samenleving en doet iemand in de kortste keren in de goot belanden, maar toch wordt het overal ter wereld steeds maar meer gedaan. Hard rijden en rijden onder invloed zorgen voor ontelbare drama's, dat lezen we dagelijks in de krant.

Hoe kun je dit zelfvernietigende gedrag anders verklaren dan door het feit dat mensen niet in vrede leven met zichzelf? De verlossing daarvan is alleen mogelijk door Zelfkennis, dat wil zeggen door af te stappen van het onechte zelfbeeld en door te ontdekken wie men in zijn diepste, wezenlijke werkelijkheid is.



Maar zijn diepste wezenlijke werkelijkheid, wat is dat voor iets, bestaat het wel? Het is twee keer niets, zegt de moderne materialist. En precies dat is de grote leugen van onze tijd.

De ommekeer

Hoe kan deze situatie definitief ten goede worden gekeerd? Alleen de juiste kijk op de dingen, die het gevolg is van een rechtstreekse ervaring, doet alle negatieve gevoelens die het gevolg zijn van onwetendheid of van een verkeerd inzicht verdwijnen. Shankara illustreerde dat met het voorbeeld van de slang in het touw. Je bent op reis in India. Je ziet in de duisternis een slang. Je slaakt een gil en staat stokstijf van angst. Iemand steekt het licht aan. Je ontdekt dat het geen slang was die je zag, maar een stuk touw. Al je angst verdwijnt als sneeuw voor de zon. Alleen de sporen van de angst laten zich nog een tijdje gevoelen: het angstzweet, de hartkloppingen enz. Aangezien er sprake is van het aansteken van het licht noemden ze het verdwijnen van de onwetendheid terecht de verlichting. Het verkeerde inzicht noemden ze illusie of Maayaa. Het woord Maayaa is geen verklaring. Het is een kracht of Shakti die je aan den lijve ondervindt.

De oorzakelijke moeilijkheid

De oorzaak van de moeilijkheid of de oorzakelijke moeilijkheid is de geest. Eigenlijk is hij, zoals de duisternis, niets: steek het licht aan, waar is de duisternis dan? Zo is ook de geest eigenlijk niets, al doet hij alles. Hij is een geheimzinnige kracht. Hij is onze grootheid en hij is onze gesel. Hij kan ons tot een god maken, maar ook tot een duivel, tot een Gandhi of tot een Dutroux. De wortel van de geest is het ik.

Een Italiaanse psychiater bouwde zijn methode op deze ideeën. Hij noemde ze psychosynthese. Een van zijn boeken heet "Het ont-ikken van de Persoonlijkheid". Deze titel zegt genoeg. Aan de titel herkent men de meester. Een titel van Louis Paul Boon bij voorbeeld: "De Middeleeuwen van vroeger en van nu." Kan het duidelijker? Hij had het ook over pater Prostituaan, die het leven van de heilige Bimbombarus beschreef. Geen enkel geleerd anti-clericaal boek kan duidelijker zijn. Dat is natuurlijk de reden waarom onze stadsgenoot, die samen met zijn vrouw Jeanneke ooit in mijn Yogales zat, met zijn werken naar Nederland moest om ze te laten uitgeven. Over Yoga schreef hij onder andere: "Oost is Oost en West is West en nooit zullen ze elkaar ontmoeten, zei Kipling, maar wij doen Indische Yoga op matjes van Amerikaans schuimrubber." En zo is dat. En in de Yogales lag hij ooit broederlijk naast de onderpastoor van de Heilig-Hartparochie.

De naam psychosynthese is nieuw, maar de methode is oeroud. Swami Sivananda kreeg in zijn Aashram het bezoek van een bekend chirurg. Swamiji vroeg hem naar de ingrepen die hij al had verricht. Toen de chirurg uitgesproken was, vroeg Goeroedev hem of hij al een egodechotomie had uitgevoerd, met andere woorden of hij zich al had ontikt. In zijn Song of Freedom (Lied van de Vrijheid) zegt hij ook: "When shall l be free? When I ceases to be. Wanneer zal ik vrij zijn? Wanneer het ik ophoudt te zijn." En op die manier gaf hij niet alleen uitdrukking aan zijn verwerkelijking, maar ook aan de oeroude wijsheid van de Vedas.

De wijzen wisten dat de intensiteit van onze onvrijheid niet zozeer wordt bepaald door uiterlijke omstandigheden, maar door het feit dat ze bezit heeft genomen van onze gedachten, onze gevoelens en van heel ons wezen. Ik denk daarbij aan een kettinghond uit mijn jeugd. Zijn naam was Mirette. Hij stond bekend om zijn kwaadaardigheid. Als iemand op de hof kwam rukte hij verwoed aan zijn ketting, woest blaffend. We tergden hem af en toe en bekogelden hem met kluiten aarde. Hij ging dan wild tekeer. Wij wisten vaak van geen ophouden, vooral als nonkel Fiel of tante Louise niet thuis waren om ons weg te jagen. Op zekere dag rukte Mirette zich los en sprong hij op ons toe. Ik dacht dat het met ons gedaan was, maar plots, toen hij niet langer de weerstand van de ketting voelde, stond hij bevend stil. Wij kwamen er met de schrik vanaf. Alleen kreeg Andréken, het zoontje van Maria van de voddenman, de kleinste van de bende, van zijn moeder nog "een klap op zijn kont", omdat hij in zijn broek had gepist. Plassen bestond in die tijd nog niet. "Toen pissen plassen werd is het gezeik begonnen", zei Herman de cafébaas meer dan vijftig jaar later toen ze al eens een boom opzetten "over de goede oude tijd" (de tijd van hun jeugd bedoelen ze eigenlijk, want het was ook dan niet altijd koek en ei). Ik denk nog vaak terug aan Mirette en hoe de ketting bezit van zijn geest had genomen. En dat soort van onvrijheid kan niet gemakkelijk worden weggenomen. Dat soort van wegnemen of van ont-en is niet zo simpel als ontwormen, ontluizen of ontvlooien of als het wegnemen van een ijzeren ketting van rond iemands nek. Dat bedoelde ook Mahatma Gandhi toen hij zei dat ze de Engelse tiran hadden verjaagd, maar dat de kleinmoedigheid die hij in de mensen had veroorzaakt niet zo gemakkelijk te verjagen zou zijn.

Japa Yoga

Een van de vele Yogas heet Japa Yoga of Mantra Yoga. Japa komt van de Sanskritwortel Jap (fluisteren, prevelen). Man betekent "denken" in het Sanskrit. We worden man of mens genoemd, omdat we denken. Mantra betekent: beschermer van het denken: "Mananaat traayate iti Mantrah." Dit betekent: wat het denken beschermt, wordt Mantra genoemd, of: dat waardoor men door eraan te denken wordt beschermd is een Mantra. In de Vishnoesahasranaamam (Hymne van de Duizend Namen van de Aldoordringende Werkelijkheid) is Mantrah de 280ste Naam.

Shankara kreeg van Govindapada, zijn Goeroe of spirituele leraar, de opdracht een commentaar te schrijven op deze hymne uit het Mahaabhaarata-epos. De naam Mantrah verklaart hij als volgt: "Hij (de Ultieme Werkelijkheid of God) is alle Vedas en Hij wordt beschreven door de Veda Mantras."

Bhattar, een andere commentator, geeft de volgende verklaring: "Hij beschermt degenen die over Hem mediteren en die aan Hem denken. "

Mantras

De eerste Mantra of zaadmantra is OM. Hij is de eerste, omdat hij de basis of het zaad is van alle Mantras, zoals wit licht de basis is van de kleuren van de regenboog. Als wit licht door het prisma van regenwolken gaat, ontdubbelt het zich in de verscheidene kleuren. Als OM door het prisma van de geest gaat ontdubbelt het zich in alle letters, klanken en Mantras.

Wat is OM? OM is de naam van de Ultieme Werkelijkheid of God. Wat is de Ultieme Werkelijkheid? De moeilijkheid is dat de Ultieme Werkelijkheid ophoudt de Ultieme Werkelijkheid te zijn zodra men erover spreekt of nadenkt. De reden is eenvoudig: ze ligt buiten het bereik van woorden en gedachten. Men kan ze niet vatten met woorden en men kan ze onmogelijk begrijpen. Kabir zei: "Saaien goengee kaa goer. God is de zoetheid van sprakeloosheid." De Ultieme Werkelijkheid is immers Volledigheid en hoe kan men hopen het volledige te vatten met iets dat onvolledig is?

Iets wat oneindig is, kan men niet peilen met iets wat beperkt is. Iets wat ooit ontstaan is, kan onmogelijk voorbij zijn eigen oorsprong gaan. Het is niet zo dat iemand ooit zei: "Laten we die Ultieme Werkelijkheid een naam geven.

Laten we ze OM noemen." Neen, zo is het niet. OM is de wijze waarom ze zich manifesteert. De Naam is de wijze waarop ze zich in de meditatieve geest manifesteert. De Werkelijkheid kan, zoals ik zei, niet worden gedacht en niet worden bepaald. Ze bepalen is ze loochenen. Maar de Naam of Mantra kan worden herhaald en als men hem uitspreekt kan hij worden gehoord. Hij kan worden geschreven. En als hij werd geschreven kan hij worden gelezen.

Men kan hem zingen. Men kan erover mediteren. De Naam is dus het medium om over de Genoemde te mediteren en met Hem te versmelten, want de Naam en de Genoemde zijn één.

In zijn dichtbundel Steps to Selfrealisation" schrijft Goeroedev Swami Sivananda het volgende over OM:



WAT IS OM?

OM is het symbool van Brahman (het Absolute),

OM is de naam van het naamloze Brahman,

Het is geen conventioneel "woord,

Zoals uurwerk, boom, melk, potlood enz.

Het is eigen aan Brahman.

Het is de bron van alle talen en klanken.

Het is Shabdha Brahman, het Absolute als klank.

OM is Satchidaananda, Bestaan-Bewustzijn-Zaligheid.

Het is de steun voor sagoena en nirgoena meditatie.

Tajjapa tadartha bhaavanam:

Doe Japa van OM met meditatie over de betekenis

En bhaavana (gevoel).

Je zult de Zelfverwerkelijking bereiken.

Verklaring van de begrippen in bovenstaand gedicht

Sagoena-meditatie is meditatie over de Ultieme Werkelijkheid als bekleed met naam en vorm (sagoena: met goena of met eigenschappen). Nirgoena-meditatie is meditatie over het eigenschapsloze (nirgoena) Absolute. Met Absolute (Brahman) wordt bedoeld dat het alle grenzen overstijgt, dat het van alles de basis en het zijn is. De geest keert gefrustreerd terug als hij probeert die Werkelijkheid te doorgronden. Een Schrift zegt: "Als men van alle bomen één reusachtig blad papier en van alle oceanen één enorme inktpot zou maken en als de godin van de wijsheid, Sarasvatie, zelf op dat papier met die inkt erover zou beginnen schrijven dan zou ze er niet in slagen er ook maar één fractie van te beschrijven, al ging ze er eeuwen mee door".

Het beeld van de Mantra

Een Mantra is klank. Klanken hebben vormen. De vorm die de klank van een rijdende trein in de lucht maakt en de vorm die een vallende pluim maakt, zien er volledig anders uit. De volgende proef werd uitgevoerd. Er werden zandkorrels op een vlies gelegd. Er werd een camera opgesteld, zodat de ruimte juist boven het vlies kon worden gefotografeerd. Er werd ter hoogte van het vlies gezongen, zodat het begon te trillen waardoor de zandkorrels opsprongen en gingen dansen. Dit werd vastgelegd op film. Men zag dat er allerlei vormen waren ontstaan. Als men Om Namah Shivaaya zong ontstond de vorm van Shiva, als men Om Namo Naaraayanaaya zong ontstond de vorm van Naaraayana enz. Dat betekent dat de afbeeldingen van de goden en godinnen de zichtbare of picturale vorm van hun Mantra of Naam of Shakti of energie zijn.

Als je een bepaalde Mantra herhaalt, kun je de afbeelding die samengaat met de Mantra op ooghoogte plaatsen. Heb je geen prent of beeld neem dan een kaars of olielamp. Vuur zuivert en verlicht en is dus een geschikt symbool voor alle Mantras en is uiterst geschikt voor meditatie.

Wat is een meditatieve geest?

In de Krishnatraditie wordt dat de niet-melkachtige geest genoemd. Met een melkachtige geest, kun je niet mediteren, zeiden ze. Je moet er eerst een cultuur aan toevoegen (een beetje karnemelk) om de melk te doen stremmen. Dan wordt ze ergens op een donkere, rustige plaats gezet. Pas daarna kan ze worden gekamd. En als de melk wordt gekamd, komt de boter bovendrijven. Krishna wordt Chora genoemd. Chora betekent: dief Hij steelt de boter. Hij is de Navanitachora. Navanita is verse boter. De melk is de geest. De cultuur is de Mantra of de Naam van de Ultieme Werkelijkheid. Het karnen is het proces van Yoga.

In dit proces wordt de geest aangepakt. Het eerste kenmerk van de geest, waarmee moet worden afgerekend, is het feit dat hij altijd naar buiten is gericht. Hij wordt onophoudelijk naar buiten getrokken door de vijf zintuigen. Het tweede kenmerk om rekening mee te houden, is dat hij niet kan bestaan zonder een basis om op te rusten. Die basis wordt gevormd door de zintuiglijke voorwerpen: geluiden, beelden, vormen en kleuren, geuren, smaken en gewaarwordingen. Het derde kenmerk dat moet worden aangepakt, is dat hij zich niet kan houden aan één zintuiglijk voorwerp. Hij springt van de hak op de tak. Hij is uiterst rusteloos. Door herhaling van de Mantra met gevoel en devotie en met meditatie over de betekenis worden die drie zwakheden geleidelijk overwonnen.

De betekenis van een appel is de ervaring "appel", het is niet louter het beeld of de opvatting "appel". Zo is het ook met de Mantra. De geest leert in Japa te rusten op één lakshya (doel, punt van concentratie), de Mantra. Op die manier wordt een einde gemaakt aan zijn rusteloosheid. De Mantra wordt door langdurige herhaling subtiel en innerlijk. Het dringt geleidelijk door dat iets innerlijks ook allesomvattend is, zodat de notie tussen innerlijk en uiterlijk vervaagt en uiteindelijk helemaal verdwijnt. Er manifesteert zich daardoor een grote zaligheid en de geest wordt een niet-geest. Dit is de boter waarop Krishna zo verlekkerd is. Uiteindelijk ontdekt men: "Die zaligheid is niet iets wat ik verwierf. Ze is wat ik ben." Swami Sivananda zong dan ook: "He Krishna aajaa makkhan khaajaa. O, Krishna, eet onze boter." De Ultieme Werkelijkheid is de grote misleider, de grootste van alle bedriegers, zei hij. Ze is één en ondeelbaar en ze doet zich voor als een veelheid. Ze is heel en al zaligheid en ze manifesteert zich als de wereld van geboorte en dood. Hij zong daarom ook: "He Krishna aajaa lielaa dikhaajaa. O, Krishna, toon ons het spel van uw schepping." Dit betekent: geef ons het oog van de wijsheid zodat we uw grote misleiding doorzien.

De methode van Japa

De beoefenaar zit, naar beste vermogen, in een vaste zithouding of aasana, maar de bewegingloosheid is niet volledig: de vingers verschuiven de kralen van de maalaa. De zintuigen worden aan banden gelegd, maar hun bewegingsvrijheid is niet helemaal geblokkeerd: de mond herhaalt de Mantra, de oren horen hem en de ogen zijn gericht op het beeld van de Mantra of een kaarsvlam. Telkens de geest afdwaalt wordt hij geduldig steeds weer naar de Mantra gebracht.

De maalaa

Maalaa betekent: snoer. Hij bestaat uit 108 kralen. 108 verzinnebeeldt het geheel (9 planeten maal 12 maanden is 108). Het cijfer één verzinnebeeldt ook de persoonlijke God, God bekleedt met naam en vorm (sagoena). 8 verzinnebeeldt de natuur (zie Bhagavad Gietaa VII 4). De O verzinnebeeldt het Absolute (nirgoena) of de Totaliteit. Een van de kralen is wat dikker en is gemerkt met een pluisje. Deze kraal heet meroe (centrum) of soemeroe. Men houdt de maalaa vast met de duim, de ringvinger en middenvinger van de rechterhand. De hand wordt ter hoogte van de keel gehouden. De maalaa hangt dan vrij neer zonder ergens het lichaam aan te raken, zodat de aandacht niet wordt afgeleid. Men begint met de herhaling van de Mantra bij de meroe. Met elke herhaling wordt een kraal verschoven. De geest gaat natuurlijk met je op de loop in het begin. Maar zodra je na een tijd de meroe weer onder je vingers voelt, word je gewekt uit je verstrooidheid. Je keert de maalaa om en herbegint met een hernieuwde van kraal-tot-kraal-bewustzijn en met meer devotie en bewustzijn van de betekenis van de Mantra.

In het begin herhaal je de Mantra luidop. Na enkele weken prevel je hem. En na nog enkele weken herhaal je hem volstrekt in gedachten. De Mantra weerklinkt in je hart. De stembanden bewegen dan zelfs niet meer.

Je legt je in het begin een minimum op van drie maalaas. Geleidelijk drijf je dit op tot elf of meer. Dit is de functie van de maalaa: hij is zoals de maatbeker om de dosis van een medicijn te bepalen; hij is zoals de teugels van een paard. In het begin denk je: "Is de meroe nog veraf? Nog twee maalaas. Nog drie maalaas..." Vijf minuten schijnen een half uur te duren. Dit verschijnsel is normaal. En juist dit is de functie van de maalaa: dat je er niet de brui aan geeft, maar het voorgeschreven aantal maalas herhaalt, wat er ook gebeurt, hoe moeilijk en vervelend het in het begin ook moge zijn. De rest komt vanzelf. De resultaten móeten komen, vroeg of laat. "Never despair. Nil desperandum", zei Goeroedev. Dit betekent: wanhoop nooit, laat je niet ontmoedigen. "Wanhoop is de enige zonde die God niet vergeeft", zegt men terecht. En de grootste straf daarna is te moeten leven met zichzelf. In de Meditatie over de Gietaa kun je lezen: "Er is een Werkelijkheid, zoet als honing, door wier genade stommen kunnen praten en kreupelen bergen beklimmen." Dit betekent dat men alleen stom en kreupel in het lichaam kan zijn, nooit in zijn diepste wezenlijke Werkelijkheid. Wat je moet doen is eenvoudig: neem de Schrift op haar woord.

In zijn nieuwjaarsboodschap in het januarinummer van The Divine Life schreef Swami Chidananda in dezelfde trant. Hij illustreerde het met een parabel, die hij de titel Discouraged? Ontmoedigd? meegaf. Ik had het bovenstaande pas geschreven toen ik, begin februari, het januarinummer van The Divine Life in de bus kreeg. Er werd op zekere dag aangekondigd dat de duivel zijn zaak zou overlaten. Op de avond van de verkoop had hij zijn instrumenten op een zo aantrekkelijk mogelijke manier uitgestald. Het was een slecht ogende bende: "Kwaadaardigheid, Haat, Afgunst, Jaloersheid, Zinnelijkheid, Bedrog en alle andere hulpmiddelen van het kwaad, alle voorzien van hun prijs. Een beetje van de rest verwijderd lag een onschuldig uitziend instrument, dat er veel gebruikt en verweerd uitzag en dat veel duurder was dan alle andere samen. Iemand vroeg wat het was. "Dat is Ontmoediging", antwoordde de duivel. "Waarom is het zo duur?" "Omdat het nuttiger voor me is dat een van de andere", antwoordde de duivel, "ik kan er iemands geest mee openen en binnendringen als ik hem niet kon benaderen met een van de andere. Ik kan hem dan gebruiken zoals het mij uitkomt. Het ziet er zo versleten uit, omdat ik het bij iedereen gebruik, aangezien heel weinig mensen weten dat het bij mij behoort." Het moet niet worden gezegd dat de prijs van de duivel voor Ontmoediging zo hoog was dat het nooit verkocht raakte. Het is nog altijd van hem en hij gebruikt het nog altijd.

Nog over de Mantra

Zoals een muziekstuk een bekende of onbekende componist heeft, zo heeft een Mantra een Rishi of ziener. De Rishi is de wijze die hem lang geleden aan de mensheid gaf, nadat hij hem in zijn meditatie had geschouwd (vandaar de naam Rishi, ziener). De Mantra heeft ook een Devataa of voorzittende godheid. De Mantra is zijn Naam en het beeld van de klank is zijn Moerti of belichaming. Een Mantra heeft ook een metrum of versmaat, dat de verbuiging van de stem bepaalt. Een Mantra heeft een Biejaa, een zaad of bron. Dat is OM of een ander krachtwoord dat hem zijn kracht verleent. Een Mantra heeft een Shakti. Dat is de energie die in de Mantra sluimert en die door de langdurige herhaling wordt vrijgemaakt. Een Mantra heeft ook een Kielakam of pin, die moet worden losgemaakt door herhaling, zodat de in de Mantra sluimerende kracht zich kan manifesteren.

De snelheid van de herhaling

Elke lettergreep van de Mantra moet duidelijk worden uitgesproken, gepreveld of in gedachten herhaald. In het begin wordt de Mantra luidop herhaald. Na een tijd wordt hij geluidloos gepreveld. Als men al wat gevorderd is, wordt hij in gedachten herhaald. Voor deze drie wijzen van herhaling zijn er drie snelheden: langzaam, middelmatig en traag. Als de geest heel rusteloos is, kun je de snelheid van de herhaling opdrijven. Als hij tot rust komt kun je de snelheid verminderen. Regelmaat is van het allergrootste belang.

Likhit Japa

Likhit betekent: schriftelijk. Schaf je een schrift aan. Ga zitten op een rustige plaats, waar je niet wordt gestoord. Schrijf de Mantra in de schrift. Herhaal hem terwijl je hem schrijft of herhaal de Mantra voor elke lettergreep die je schrijft. Breek de Mantra op het einde van een regel niet af.

Kijk niet links of rechts, maar wees helemaal in het schrijven van de Mantra aanwezig. Je ontwikkelt op die manier concentratie. De geest zal zich ontdoen van zijn onzuiverheden en geschikt worden voor meditatie.

Ajapa Japa

Ajapa Japa betekent letterlijk: niet herhaalde herhaling. De adem vloeit onophoudelijk in en uit. Als je aandachtig naar hem luistert hoor je dat hij bij het inademen So herhaalt en bij het uitademen Ham. Van de geboorte tot de dood herhaalt de adem Soham en bevestigt hij zodoende de grootheid en de glorie van je wezenlijke Werkelijkheid.

Soham betekent immers: "Ik ben Hem." Soham komt van Sah aham. Sah (Hem) aham (ik) wordt volgens de regels van sandhi (verbinding van klinkers en medeklinkers) Soham. Soham betekent: "Ik ben niet dit vergankelijke lichaam, niet deze rusteloze geest. Ik ben in wezen Bestaan-Bewustzijn-Zaligheid."

Zit rustig neer in een stevige zithouding, op een rustige plaats. Wees je bewust van de adem en van "So" met de inademing en "Ham" met de uitademing. Er is geen onderbreking tussen de So en Ham. Er is een korte rustpauze na de uitademing. Drijf geleidelijk aan de tijd op. Dit is Soham dhyaana of meditatie over Soham.

Als dit je aanspreekt en je wil de Mantra herhalen met behulp van een maalaa dan wordt hij OM Soham.

Enkele belangrijke richtlijnen

Houd je Mantra geheim. Spreek er niet over. Sommigen zullen er laatdunkend over doen en dat kan je vertrouwen ondermijnen. Houd je zodra je een keuze hebt gemaakt altijd aan dezelfde Mantra. Regelmaat is van het allergrootste belang. Bedek de hand die de maalaa vasthoudt met een doek. Bewaar de maalaa die je gebruikt voor Japa op een plaats waar niemand bij kan. Ga de meroe niet voorbij, maar keer de maalaa bij de meroe om.

Geen lichtgelovig dweper

Ik ben geen lichtgelovige dweper, als je dat mocht denken na het voorgaande te hebben gelezen, maar een kritisch iemand die zijn hele leven al voor zichzelf heeft gedacht en die zich door niemand ooit heeft laten vermuilezelen of ringeloren. Ik begon in 1959 met Yogahoudingen en ondervond daar zoveel weldoende effecten van dat ik aannam dat er in de rest ook wel iets waardevols moest zitten. In 1964 las ik Goeroedev Swami Sivananda's Japa Yoga en dat sprak me zozeer aan dat ik begon een Mantra te herhalen met een maalaa die mijn jongere broer (we begonnen samen met Yoga) zelf had gemaakt met glazen kraaltjes. In mei 1966 vroeg ik Swami Satchidananda (het was zijn eerste bezoek) om inwijding, op die manier Goeroedev Swami Sivananda's raad in het boek Japa Yoga volgend. Hij wijdde me in in de Mantra die ik voordien al zelf had gekozen. Dat staat me nog altijd heel levendig voor ogen. Ik hen tot op deze dag met grote regelmaat met mijn Mantra Japa doorgegaan en geregeld wens ik mezelf daarvoor van harte geluk. Je kunt het geloven of niet, maar ik moet 's morgens soms grote moeite doen om met Japa te stoppen, al zit ik daar dan al een uur met gekruiste benen. Ik zou het je graag willen uitleggen waarom dat zo is, om je ertoe aan te zetten mijn voorbeeld te volgen, maar woorden schieten gewoon tekort om uitdrukking te geven aan de zaligheid van sprakeloosheid en wetenloosheid.

Nog enkele belangrijke richtlijnen

Zitten op de Yogawijze leer je maar door oefening. Kies een zithouding die je ligt (zie: Wegwijs in Yoga, Yogakompas, Yoga, wat en hoe?...). Het is heel belangrijk systematisch het hele lichaam erin te ontspannen. Begin bij de rechterhand, voel hoe ze ontspant. Voel dat de ontspanning opwaarts gaat naar de schouder toe, dan neerwaarts door de romp en het hele rechterbeen. Doe hetzelfde links. Dan de rugzijde, de voorkant, de binnenkant, hersenen en ruggenmerg en tenslotte het hele lichaam.

Neem rustig de tijd. Dit kun je enkele keren herhalen tot je voelt dat het lichaam daadwerkelijk diep ontspant.

Dan kun je het energielichaam ontspannen door rotatie van het bewustzijn door chakras en steunpunten van de geest.

De volgende is de beproefde methode die ikzelf al vele jaren toepas, zowel in de Lijkhouding, in Yoga Nidraa als in de Yogazithouding. Moelaadhaarachakra (ondereind wervelkolom), svaadhishthaanachakra (twee vingers meer naar boven), manipoerachakra (ter hoogte van de navel; de chakras liggen op de wervelkolom behalve de aagnyaachakra), anaahatachakra (ter hoogte van het hart), vishoeddhachakra (waar schedel en wervelkolom samenkomen), naasikaagra (top van de neus), bhroemadya (plaats tussen de wenkbrauwen), sahasraara (top van de schedel), bindoe (kruin), aagnyaachakra (in het midden van het hoofd ter hoogte van de plaats tussen de wenkbrauwen), daarna gaat het weer neerwaarts in omgekeerde volgorde: vishoeddhachakra, anaahatachakra, manipoerachakra, svaadhishthaanachakra, moelaadharachakra. Dit kan meerdere keren worden herhaald.

Dan kun je de energie terugtrekken uit de grote tenen in de top van het hoofd. Dit beoefen ik op de volgende manier. Voel dat je de levenskracht terugtrekt uit de grote tenen in de enkels. Vandaar in het midden van de scheenbeenderen. Vandaar in een punt onder de knieën. Nu in het midden van de knieën. Dan in het midden van de dijen. Dan in de liesstreek. Dan in de hele onderbuik en het bekken. Dan in de buik juist onder de navel. Dan in de navel. Dan in de maagkuil. Dan in het kuiltje van de keel. Dan in het verhemelte. Dan in het dak van de neus. Dan in de ogen. Dan in de plaats tussen de wenkbrauwen. Dan in het gehele voorhoofd. Dan in de top van het hoofd. Dit hoeft niet te worden herhaald. In de top van het hoofd stel je je de spirituele leraar of Sadgoeroe voor, die je begroet met een guirlande rond zijn nek bij wijze van verheerlijking en een guirlande aan zijn voeten als teken van onderwerping. Je voelt dat hij je begeleidt op je pad en je beschermt.

Ga dan naar een plaats in je hart, de plaats waar je wijst als je "ik" zegt. Stel je daar een oneindige ruimte voor, allesomvattend, vol van licht en zaligheid. Als je het beheerst kun je de Goeroestotra herhalen (zie deze website onder: Uit de Satsang). Anders beoefen je dit woordeloos.

Herhaal daarna negenmaal de Goeroemantra: OM Goem Goerave Namah. Hef nu de rechterhand, die de maalaa vasthoudt, ter hoogte van het hart of de keel, zodat hij vrij hangt zonder dat hij een gedeelte van het lichaam aanraakt. Begin nu met je Mantra Japa.

Korte maalaas met kleine kralen zijn best. In het begin is het wat moeilijk de kralen te verschuiven, maar dat went spoedig.

Japa Yoga is een wetenschappelijke, beproefde methode, die niets te maken heeft met bijgeloof. Misschien breng je het verschuiven van de kralen in verband met kwezelarij, maar dat moet je kunnen loslaten.

Waarom zeulen mensen heel wat nutteloos ballast mee, bij voorbeeld allerlei soorten van vooroordelen? Dat vraag ik me dikwijls af. In "Kijk op Yoga", in de alfabetische woordenlijst, wordt onder "Japa" een beschrijving van Swami Satchidananda's methode gegeven.

Het tegengif

In een van zijn gedichten in Steps to Self-realisation zegt Swami Sivananda:

ALOMTEGENWOORDIGHEID

VAN DE ULTIEME WERKELIJKHEID

De Heer is hier, daar en overal.

Hij is alomtegenwoordig, aldoordringend.

Hij is de allesdoordringende, inwonende Aanwezigheid.

Hij is de draad in de bloemenkrans.

Hij is de Soetraatma of de draadziel.

Hij is de luister van de lotus en de glimlach van de dame.

Hij is het geruis van de Ganges.

Hij is het gemiauw van de kat.

Hij is het gefonkel van de ster.

Hij is het stromen van de adem in de neusgaten.

Hij is de gedachten, gevoelens en emoties.

Hij is de pupil in het oog.

Hij is de geur van bloemen.

Verwerkelijk Hem en wees altijd gelukkig.

Ademoefening

Ook enkele ademoefeningen zullen je helpen. Begin met drie rondjes Kapaalabhaati en enkele minuten Bijadem (zie Wegwijs in Yoga of leer het in de Yogales). Kapaalabhaati is iets wat ikzelf elke dag beoefen. Letterlijke betekenis van de naam: wat de schedel doet schitteren. Dit betekent: wat je een helder hoofd geeft. Het verhoogt de weerstand tegen infecties, bevordert de spijsvertering, houdt het longweefsel soepel en bevordert de concentratie enz. Een goede voorbereiding is de helft van de opdracht. Goed begonnen, half gewonnen, zegt men toch. Of niet soms? We weten dat allemaal wel, maar we vergeten het in toepassing te brengen. We denken dat we veel te leren hebben. En dat is goed mogelijk, maar als we toch maar begonnen met in praktijk te brengen wat we al weten. We zouden dan al een heel eind op weg zijn.

Ik las een tijd geleden in een wachtkamer een Engelstalig gedicht. Daarin werd ongeveer het volgende gezegd: "De wereld zou beter af zijn als mensen probeerden beter te worden in plaats van beter af te zijn. Als mensen probeerden beter te worden in plaats van beter af te zijn zou de hele wereld beter afzijn en zou iedereen beter af zijn."

Enkele belangrijke Mantras

Sommige wijzen verwierven een visie die de dingen ziet als manifestaties van de Ultieme Werkelijkheid. Een Mantra die dat uitdrukt is: OM Namo Naaraayanaaya. Naraayanaaya is de datief van Naaraayana: aan Naaraayana. Deze naam wordt verklaard op twee manieren: degene die zijn verblijfplaats heeft in alle wezens en degene die slaapt op de wateren.

Andere wijzen hadden afgerekend met de wereld en waren verzonken in een andere dan de wereldse staat. Een Mantra die dat verwoordt is OM Namah Shivaaya. Shiva betekent: de Voorspoedige. Namah betekent: gegroet. Shivaaya is de datief van Shiva en betekent: aan Shiva.

De belangrijkste lettergreep van de datiefvorm Naaraayanaaya is: raa. Als je die lettergreep weglaat, verliest het woord zijn betekenis. De belangrijkste lettergreep van OM Namah Shivaaya is ma. Als je ze weglaat verliest ook deze Mantra dan zijn betekenis.

Als je de "raa" uit OM Namo Naaraayanaaya en de "ma" uit OM Namah Shivaaya samenvoegt heb je Raama. Deze Mantra is een synthese van de twee vorige Mantras. In de Raamaayana is Raama een prins die door bepaalde omstandigheden wordt verplicht in verbanning te leven. Hij was volmaakt in wereldse zin en hij was volmaakt als asceet. Hij symboliseert dus het volmaakte evenwicht tussen wereldlijkheid en ascese. De bekendste Raamamantra is:

OM Shrie Raam Jaya Raam Java Jaya Raam.

Er zijn natuurlijk vele andere Mantras. Je vindt er een aantal in onze boeken, bij voorbeeld in "Kijk op Yoga" en onze uitgave van de Bhagavad Gietaa.

Mensen vragen zich af waarom ze al die moeite zouden doen. Als je je lichaam niet wast begint het na een tijd te stinken. Dat weet iedereen. Maar ook de geest moet worden gewassen, want ook hij begint anders te stinken. Maar dat noemen we niet zo. We noemen het depressie, angst, jaloersheid en noem maar op. De Naam of Mantra dringt door tot in de diepste lagen van de geest. Swami Sivananda noemde de Naam van de Ultieme Werkelijkheid de beste zeep. De Ultieme Werkelijkheid zelf is de grootste zuiveraar. De grote kwaal waaraan de mens lijdt is Zelfvervreemding. Dat is de verklaring van al zijn moeilijkheden.

De Ultieme Werkelijkheid waarover ik het hier heb houdt op de Ultieme Werkelijkheid te zijn zodra men erover spreekt of nadenkt. Ze is immers niet iets anders. Ze is dat wat men is. Wat we zoeken is dat wat we zijn. Dat is het grote geheim.