The Divine Life Society
Afdeling Aalst
Homepage


Berghouding

Ik geef het aan beginners, ik geef het in de Yoga Retraite, in de Yoga Academie en de Bijscholing enz. Meerdere Yogaleraren die bij een van die gelegenheden aanwezig waren, vroegen me bij herhaling het op papier te zetten. Ik dacht dat het op de website stond onder Uit de Yogales, maar dat blijkt niet zo te zijn. Ik had het er bij herhaling in het tijdschrift over, maar te oppervlakkig naar het schijnt. Toen ik het nakeek, merkte ik dat ze gelijk hebben. Vaak schrijf ik immers om interesse te wekken, niet zozeer om iets aan te leren. Als de interesse gewekt is, komen ze er wel vanzelf achter, denk ik bij mezelf en dat is vaak juist gebleken. Hoe dan ook, als er een vraag is, moet er een antwoord komen.

Jaren geleden noemden we Berghouding parvatanaasana. Ik herinner me niet hoe we daartoe kwamen. Het is hoe dan ook fout gebleken. Het moet zijn parvataasana. Dat is hiermee dan rechtgezet.

De Berghouding is de eenvoud zelf. Je staat met de benen gespreid op heupbreedte, schouderbreedte. Zeker niet meer, want als de spreidstand te groot is, wordt de houding te star. De armen hangen, het hoofd staat gewoon rechtop. Je staat op beide voeten, niet op de ene of de andere voet. En je staat op de gehele voet, niet op een gedeelte ervan. De ogen worden gesloten, tenzij dat voor moeilijkheden zorgt. In dat geval laat je de blik ergens rusten en zie je alles tegelijk.

Mensen denken soms: "Hoe kan zoiets simpel nu effect hebben." Ze vergissen zich grondig en ze zouden tenminste een poging moeten ondernemen om dat aan de praktijk te toetsen. Het bewijs ligt in de ervaring.

Gedragenheid

Wees je bewust van je voetzolen en voel hoe de grond het lichaam draagt. Er is nog een andere vorm van gedragenheid, die je nu kunt beoefenen. Er is in jou iets dat alomtegenwoordig is. Je kunt je niet alleen bewust zijn van je voetzolen, het lichaam enz., maar ook van de zon, de maan en de sterren, van sterren die zover af zijn dat hun licht ons nog niet eens heeft bereikt, van sterren die al miljoenen lichtjaren geleden zijn uitgedoofd en wier licht ons nu pas bereikt. De dingen zijn niet in jou en ook niet buiten jou. Alles is één onverbrekelijke eenheid. Houd het gevoel even vast dat binnen en buiten vervagen en hun betekenis verliezen.

Swami Krishnananda zei in een gesprek: "Vereenzelvig je met dat wat overal is. Maar als je je vereenzelvigt met dat wat overal is, dan ben jij nergens. En als je dan mediteert over het Al, mediteert het Al over jou." Goeroedev Swami Sivananda bezong de kosmische ervaring op zijn onnavolgbare manier in zijn Song of Viraat (lied 10 op cd3; wat volgt is de vertaling van de eerste drie strofen): "De hele wereld is mijn lichaam, de struiken zijn mijn haar. Alle lichamen zijn van mij, ik geniet door alle lichamen. Alle monden zijn van mij, ik eet door al deze monden. Alle ogen zijn van mij, ik zie door al deze ogen. Alle oren zijn van mij, ik luister door al deze oren. Alle neuzen zijn van mij, ik ruik door al deze neuzen. Alle handen zijn van mij, ik werk door al deze handen. De hemel is mijn hoofd, de aarde is mijn voeten. De zon en de maan zijn mijn twee ogen. Vuur is mijn mond, de wind is mijn adem. De ruimte is mijn romp, de oceaan is mijn blaas. De bergen zijn mijn beenderen, de rivieren zijn mijn aders…"

Spannen en ontspannen

Span nu het lichaam op van onderen naar boven. Trek de tenen naar binnen, span de kuiten, de knieën, de dijen, het zitvlak, de buik, de hele rug, bal krachtig de vuisten, trek het gezicht in een grimas. Adem rustig door. Je kunt tijdens het spannen ook de adem inhouden. Wat je ook best of gemakkelijkst vindt. Houd dit een tijdje vol, terwijl je de spanning nog opdrijft en ontspan dan van boven naar onderen, lichaamsdeel na lichaamsdeel. Voel hoe het gezicht, de nek, de schouders, de buik en de rug ontspannen, hoe de vuisten zich openen, tot je je bewust bent van je voetzolen en de gedragenheid van het lichaam. Herhaal dit een drietal keren. Neem rustig de tijd.

De longen leeg houden

Adem diep uit door de neus. Pers de longen leeg. Zijn ze leeg, ontspan dan de buik, wees je bewust van je voetzolen en sta met lege longen zolang het met gemak gaat tot na een tijd de lucht vanzelf geluidloos naar binnen stroomt. Het is of het lichaam tijdens het leeg houden van de longen tegen de grond staat geplakt. Niets doorbreekt spanning, stress en neerslachtigheid sneller en beter dan diep uit te ademen en de longen leeg te houden. Dit vind je ook in de Yoga Soetra (I 34) waar Patanjali het heeft over de aandoeningen van de persoonlijkheid en de ongemakken waarmee ze gepaard gaan. Hij geeft het leeg houden van de longen als een van de middelen om de geschetste problemen aan te pakken. Herhaal ook dit een drietal keren.

Een goede doorbloeding

1. Grijp boven het hoofd de polsen beet. Ze bevinden zich een tiental centimeter boven het hoofd. De ellebogen zijn zijwaarts. Trek nu zo hard je kunt of je de handen uit elkaar wil trekken. Dit hoeft niet te worden herhaald. Trek ononderbroken en drijf de tijd elke dag wat op. Blijf je bewust van je voetzolen en van de gedragenheid van het lichaam. Dat maakt de inspanning plots veel gemakkelijker. De adem niet blokkeren. Laat de longen vrij ademen.

Waar je de spanning voelt, daar treedt er onmiddellijk een veel betere doorbloedig op zodra je ontspant.

2. Grijp de polsen vóór de borst. Trek zo hard je kunt.

3. Zet de handpalmen tegen elkaar, zodat de vingers van de ene hand rusten op de rug van de andere hand. Druk de handpalmen tegen elkaar zo hard je kunt.

4. Strengel de vingers in elkaar en plaats ze op het achterhoofd met de ellebogen zijwaarts. Duw zo hard je kunt met de handen tegen het hoofd en met het hoofd tegen de handen.

5. Houd de vingers in elkaar gestrengeld, maar verwijder de handen enkele centimeters van het hoofd. Draai met de handen cirkels rond het achterhoofd zonder het achterhoofd aan te raken. Eerst in de ene richting dan in de andere richting.

6. Plaats de handen met de vingers in elkaar gestrengeld weer op het achterhoofd. Buig de nek, maar houd de hele rug goed gestrekt. De armen hangen als dode gewichten aan het hoofd. Houd dit een tijd vol, zodat de nek wordt uitgerekt. Dan volgt de oefening waar de meeste mensen vreemd genoeg veel moeite mee hebben. De schouders blijven onbeweeglijk, maar de ellebogen gaan loodrecht op en neer terwijl de voorarmen evenwijdig blijven, zodat de nek een draaiende beweging krijgt. De kin glijdt over de borst van de ene oksel naar de andere. Doe het eerst langzaam en ga mettertijd wat sneller, maar zonder iets te forceren of je te bezeren.


7. Draai kleine cirkels met de schoudertoppen van achter naar voor, terwijl de armen ontspannen neerhangen. Maak de cirkels stelselmatig groter tot ze ter hoogte van de oren komen. Draai dan de beweging om en maak de cirkels steeds kleiner. Keer dan de beweging weer om. Ga zo door tot de hele schoudergordel warm aanvoelt.

8. Hef de schouders zo hoog mogelijk. De armen hangen ontspannen neer. Ontspan de buik.Wees je bewust van de voetzolen. De rug is uitgerekt. Laat na een tijd de schouders vallen.

9. Ga nu zitten op een denkbeeldige stoel. Leg de armen op de denkbeeldige leuning, met de handen voorbij de leuning, zodat de handen slap neerhangen. Drijf de tijd geleidelijk op. Dit is de Stoelhouding of sankataasana.

10. Sta in een wat grotere spreidstand. Buig door de knieën en zit gehurkt neer indien mogelijk zonder de hielen van de grond te heffen. Houd de handpalmen tegen elkaar ter hoogte van het gezicht. Dit rekt de lage rug uit. Kom na een tijd langzaam overeind. Dit is de Hurkzit of oetkataasana.

In de Yoga Academie zei iemand dat haar leraar het malaasana noemt. Dit betekent letterlijk: de vuilhouding, omdat men zich in India gehurkt ontlastte en dat in vele dorpen nu nog altijd doet. Als je met de trein in de vroege morgen langs de dorpen rijdt, zie je heel wat mensen naast de sporen gehurkt zitten, het zitvlak ontbloot, met een kommetje water bij de hand om met water en met de linkerhand het voor iedereen zo belangrijke werk af te maken. Mijn gids zei bij zulke gelegenheden: "Shitting time." Ze zitten naast de sporen, omdat er dáár niemand in trapt. En je ziet alleen mannen, de vrouwen zijn blijkbaar discreter. In Yogaboeken die door Indiërs voor Indiërs geschreven zijn, vind je geen afbeelding of beschrijving van de hurkzit, omdat de houding zo gewoon is dat het bij niemand opkomt ze in een boek te zetten.

11. Breng de voetzolen samen. Buig door de knieën en strek de armen voorwaarts met de handpalmen naar elkaar toe gekeerd.

12. Sta weer in Berghouding. Wees je bewust van het hoofd als een ervaring. Hoe de ervaring ook moge zijn, zo neem je er vrede mee. Je probeert niet iets op te roepen wat je beter denkt te zijn of je probeert niet iets van je af te zetten wat je negatief denkt te zijn. Zoals de ervaring is, zo aanvaard je ze.

Wees je nu bewust van de nek als een ervaring.

Wees je bewust van de borst als een ervaring. Voel hoe daarbij de schouders volmaakt ontspannen.

Wees je nu bewust van de buik. Voel hoe de ingewanden diep neerzakken in het bekken, hoe de hele buikwand ontspant en hoe er een gevoel van ruimte ontstaat in de buik. Wees je nu bewust van de buik als een ervaring. Ga door de benen naar de voetzolen en wees je bewust van hun contact met de aarde en de gedragenheid van het lichaam.

Zodra je voelt dat er beweging in het lichaam zit, mag je zeker zijn dat het zijn verkramping heeft opgegeven. Het kan nu reageren op het pulseren van de energie, wat het niet doet als het lichaam verstard is.

Nota bene

Het hoofd is het domein van waakbewustzijn. De nek is het domein van droombewustzijn. Zodra de geest zich terugtrekt in de nek ga je dromen. Tijdens de diepe droomloze slaap trekt de geest zich terug in de borst. Het is ieders ervaring dat je begint te knikkebollen wanneer je zittend inslaapt. De geest trekt zich terug in lager gelegen centra. In de borst zit ook je ikgevoel. Iemand die zichzelf aanduidt, wijst steevast op zijn borst en niet ergens anders. Dit is niet aangeleerd. Iedereen doet het, overal ter wereld.

De buik is het domein van de energie. Meestal zitten mensen verkrampt in hun bekken. Dit wordt veroorzaakt door angst en het veroorzaakt angst. Iemand die in angst zit, trekt zijn billen samen. We zeggen dan ook: "Hij knijpt ze." Of: "Hij zit met een ei." Er zijn talrijke van die uitdrukkingen. Als het bekken verkrampt is, is de wervelkolom uit balans. Dit veroorzaakt vele moeilijkheden, zoals verkramping van de nek en de schouders, om maar iets te noemen.

Men kan soms hondsmoe en uitgeput zijn en toch niet kunnen slapen. De hersenen zijn in dat geval oververhit, zodat de geest er niet in slaagt zich eruit terug te trekken. Zodra hij dat wel kan, volgt de slaap. Als de houding niet comfortabel is, omdat je bijvoorbeeld rechtop zit, zoals in de trein, dan schiet de geest heen en weer tussen het hoofd en de nek. Door het knikkebollen wordt het proces van het inslapen verstoord. Ook dit is ieders ervaring.

Berghouding is een zegen en moet geduldig worden gecultiveerd. Het zal vele problemen de wereld uit helpen. Maar geef het de tijd. Zoals ik al vaker zei: met geduld bereikt de slak de ark.

Het gedeelte van het lichaam onder de navel hebben we, cultureel bepaald, leren bestempelen als vies en vuil. Als we met de functies bezig zijn die eigen zijn aan dat gedeelte van het lichaam hebben we nog altijd vaag het gevoel met iets zondigs bezig te zijn. Ik gaf een tijd geleden Yogales aan twaalfjarigen. Ze lagen in ontspanning. Toen ik zei: "Wees je bewust van je zitvlak", ging er een gegiechel door de groep. Dit kan alleen worden verklaard door het feit dat we nog altijd op dat gebied oude gevoelens meezeulen in ons onderbewuste. In het handboek voor biechtvaders van weleer stonden alle zonden in het Nederlands behalve als het over seks ging. Dan stonden ze er in het Latijn. Telkens eindigend met: "Pecatum est." Dit wil zeggen: het is zonde. We hebben het seksuele lange tijd in het verdomhoekje geduwd en als je iets veroordeelt en verdringt, wordt het neurotisch. Dat zien we overal ten overvloede gebeuren in onze tijd. Johannes XXIII wilde de engeltjes in de Sixtijnse Kapel nog een broekje laten aan schilderen. Stel je voor. Ik las het Mahaabhaarata-epos in een Engelse vertaling uit de negentiende eeuw. Op zeker ogenblik kwam ik de tekst tegen: "Not translated for obvious reasons." Met andere woorden: niet vertaald om voor de handliggende redenen. Een aantal verzen was weggelaten. Ik raadpleegde een andere vertaling uit dezelfde periode. Daar stond de passage vertaald in het Latijn. Ik zocht de tekst op in een moderne vertaling. Waarover ging het? De vrouw van een brahmaan was zwanger. Het kind dat ze droeg was de wedergeboorte van een grote wijze. De vader wilde op zekere avond gemeenschap hebben met zijn vrouw, maar dat zinde de wijze in haar schoot niet. Hij hield zijn voeten vóór de opening.

Onze God is seksloos. Het mooie van de hindoegoden is dat ze in paren bestaan. Er is maar één celibataire god in het hele hindoepantheon en dat is Ganesha, de god van de wijsheid. Op zekere dag gaf hij een kat een trap. Toen hij thuis kwam, had zijn moeder een blauw oog. Hij vroeg wie dat gedaan had. "Jij, mijn jongen", zei ze. Hij begreep dat alle vrouwelijke wezens manifestaties van zijn moeder zijn. Hij kon dan ook geen enkele vrouw meer begeren op een seksuele manier, omdat hij in hen allen zijn moeder zag.

Wie zal het zeggen?

Toen de schepper de verscheidene werelden had geschapen, schiep hij ook de wezens die er wonen. Met werelden wordt eigenlijk heelallen of universums bedoeld. Het woord universum beantwoordt niet aan datgene wat men er in de hindoefilosofie mee bedoelt. Multiversum zou juister zijn. De verscheidene heelallen zijn immers met elkaar verweven en verschillen van elkaar doordat ze een andere ruimte en tijd hebben. Omdat de wezens in die werelden er maar tijdelijk verblijven, schiep de schepper de dood. Hij moest er dus ook voor zorgen dat er op tijd en stond nieuwe wezens worden geboren. Seks op zich is op het eerste gezicht een nogal onnozele bezigheid en de gevolgen ervan brengen heel wat verantwoordelijkheid mee. Het is immers niet niets kinderen op te voeden. Het huwelijk was dan ook de eerste vorm van kinderbeperking. Men zei op zeker ogenblik: "Oké, jongens, jullie verwekken kinderen, allemaal goed en wel, maar jullie moeten er voortaan ook zelf voor zorgen." Dit betekent: bescherming bieden, uit jagen gaan om alle mondjes te vullen enz. En toch hebben mens en dier het altijd gedaan. De schepper loste immers de moeilijkheid op op een zoals blijkt zeer afdoende manier. Hij vreesde dat niemand kinderen zou willen verwekken. Daarom maakte Hij seks zó plezierig dat schier niemand er kan aan weerstaan. Zodra iemand onder invloed van passie is, zakt zijn of haar verstand een meter lager. Wil je nu het woord schepper vervangen door natuur of scheppingskracht of welk ander woord ook, mij goed. Het komt immers allemaal op hetzelfde neer. We bedoelen er gewoon mee dat wij het niet echt weten. Niemand kan immers voorbij zijn oorsprong gaan. Het instrument dat we gebruiken om de dingen te bevatten, is eindig en datgene wat we willen bevatten is oneindig. Om de dingen te doorgronden, moet je dan ook de eindige, beperkte geest achter je laten, zeiden de oude wijzen. Het is dat wat ze meditatie noemden. We hebben dat laatste eeuwenlang verwaarloosd en dat is de reden waarom het slecht met ons gaat. Want het feit dat mensen niet mediteren, betekent dat ze Zelfvervreemd zijn. Ze leven met een totale onechtheid. We vereenzelvigen ons met het lichaam, met de geest, met allerlei relaties, met wat we doen, maken en denken. En als onze activiteiten en ondernemingen ons worden afgenomen, denken we dat we niemand meer zijn. En dát is de grote leugen. Het is de oorzaak van al onze moeilijkheden. Deze leugen ontzenuwen, is de grote opdracht en bijdrage van Yoga. Bovendien hebben we van onze wereld een oord van spanning en twist gemaakt, want al hebben we een bepaalde macht over de natuur, we begrijpen hem niet. We hebben met andere woorden wetenschappelijke kennis, maar geen wijsheid.

Kriyaas

Vanuit Berghouding kunnen allerlei kriyaas worden beoefend. Het lichaam wordt dan op verscheidene manieren uitgerekt op het ritme van de inademing en het inhouden van de adem. Uitademend wordt het rekken beëindigd. De longen zijn dan leeg tot vanzelf de nieuwe inademing komt. Men is zich de hele tijd bewust van de voetzolen, de gedragenheid van het lichaam, de beweging en het vloeien van de adem. Houd tijdens de kriyaas de onderkant van de tong tegen het verhemelte.

Waar het lichaam ontspannen uitgerekt is, daar kan de energie vrij gaan doorstromen. Dit is de te onthouden regel.

Vele jaren geleden studeerde een van onze jonge leden ballet onder Maurice Béjart. Die opleiding is keihard. Het lichaam van de leerlingen wordt dagelijks afgebeuld. De jongen zei: "Als ik erdoor zit en wanneer mijn lichaam overal pijn doet, zijn de Yogakriyaas de enige methode waarmee ik er in de kortste keren bovenop kom." Soms zie je een hond wakker worden in zijn mand. Je moet er eens op letten hoe hij zich met welbehagen grondig uitrekt. Dat is kriyaa. Het woord is afgeleid van de werkwoordswortel kri, doen en betekent: oefening. Van dezelfde wortel is het woord karma afgeleid.

Beginners leer ik in enkele lessen de volgende uitstekende kriyaas:

1. Uitademen, de longen zijn een tijdje leeg. Komt dan de inademing dan gaan de armen op schouderhoogte op het ritme ervan. De hele borst wordt uitgerekt met een gevoel van diep welbehagen. Het rekken gaat door terwijl de adem wordt ingehouden. Op een geluidloze uitademing zakken de armen. Adem uitsluitend door de neus. Herhaal een vijftal keren.

2. Uitademen. De longen zijn een tijdje leeg. Komt de inademing dan gaat de linkerhand op het ritme ervan loodrecht naar boven. De romp buigt dan naar rechts. De linkervoorarm hangt boven het hoofd. Van de hiel tot de elleboog is de hele linker zijde uitgerekt. Het rekken gaat door terwijl de adem wat wordt ingehouden. Op een geluidloze uitademing komt de romp overeind en zakt de hand. De longen zijn een tijdje leeg. Komt de inademing dan gaat de rechterhand loodrecht omhoog. Enz. Herhaal ook dit een vijftal keren links en rechts.

3. Uitademen. De longen zijn een tijdje leeg. Komt de inademing dan gaat de linkerhand op het ritme ervan loodrecht naar boven. De romp draait wat naar rechts en de rechterhand raakt de achterkant van het linker been aan. Het gezicht is geheven naar de opstaande hand. De hele linkerzijde wordt uitgerekt. Het rekken gaat door terwijl de adem wordt ingehouden. Op het ritme van een geluidloze uitademing zakt de hand. Hetzelfde rechts. Herhaal een vijftal keren aan elke zijde.

4. De vingers zijn in elkaar gestrengeld achter de rug. Op een inademing gaat het bekken wat naar voren, buigt de romp achterwaarts en hangt ook het hoofd achterover. Op een geluidloze uitademing komt de romp overeind, buigt naar voren en ontspant terwijl de longen leeg zijn. Herhaal een vijftal keren.

Er zijn natuurlijk nog veel meer kriyaas. Je vindt er een aantal in onder andere Yogakompas.

Mettertijd kun je de kriyaas vervangen door Soeryanamaskaaram, Groet aan de Zon. Er is een tijd geweest dat men dacht dat de zon rond de aarde draaide. Wij weten beter. De aarde draait in een jaar tijd eenmaal rond de zon in een ellipsvormige baan. Soms is de zon dus veraf en soms dichterbij. De aarde draait elk etmaal eenmaal om haar as. Zo ontstaan dag en nacht. De maan draait rond de aarde. Zij geeft ons licht tijdens de nacht. Ze neemt allerlei vormen aan naar gelang van haar plaats ten opzichte van de aarde en de zon. We weten ook dat de maan niet schittert met haar eigen licht, maar met het licht van de zon. Het lichaam, de geest en het hele heelal zijn als de maan: ze schitteren niet met hun eigen licht, maar met het licht van Bewustzijn. Wetenschappers en psychiaters geloven dat Bewustzijn een product is van de stof, maar het is juist andersom: Bewustzijn is eerst en al het andere is er een manifestatie van. In Groet aan de Zon wordt met de zon Bewustzijn bedoeld, dat wat je in je diepste wezen bent. Dat is de wijze waarop Yogis over zichzelf mediteren of Zelfbewustzijn beoefenen.

Het Sanskritwoord voor maan is chandra. Dit betekent ook Heer. Bijvoorbeeld Raamachandra, Heer Raama. De volle maan heet in het Sankrit poernima. Ze is het symbool van de Goeroe of spirituele leraar.Op Goeroepoernima, ergens in de maand juli, eren discipelen hun Goeroe. De symboliek is duidelijk. De Goeroe schittert niet met zijn eigen licht, maar het licht van de Waarheid. Een ander woord voor maan in het Sanskrit is shashanka. Dit betekent: konijn. Wij zien een mannetje in de maan. Hindoes zien er een haas of konijn in.

Een Amerikaans reporter kon geen vrouw houden. Na een tijd verlieten ze hem. Hij probeerde dat te verklaren. Hij zei: "Ik ben wat ik doe." En geen enkele vrouw had dat ooit kunnen aanvaarden, was zijn uitleg. "Ik ben wat ik doe." Dat is inderdaad de oorzaak van veel onheil. Als dat wat je doet wegvalt, blijft er immers niets over. En er komt een tijd dat het wegvalt door ziekte, door ouderdom of door wat dan ook. Er volgt dan het beruchte zwarte gat. Iedereen wordt tot handeling gedreven door de leemte die we op ieder ogenblik van ons leven ervaren. We proberen die leemte op te vullen op alle mogelijke manieren. Alle menselijke ondernemingen beloven veel, maar geen enkele lost die belofte in. Het eindigt steevast op ontgoocheling en vaak op verbittering en frustratie. De leemte is het gevolg van Zelfvervreemding. Ze is een schreeuw om herkenning en erkenning van het Zelf. Ze verdwijnt alleen in de staat van Zelfbewustzijn of verlichting. Als je de geschriften van de grote wijzen leest of hun gedichten en liederen beluistert, zul je vaststellen dat die iets jubelends hebben als ze het over die Zelfherkenning hebben. Niemand kan iemand een grotere dienst bewijzen dan door hem terug te geven aan hemzelf.

De kern van de vier Vedas of de oudste boeken van wijsheid bestaat uit vier grote uitspraken of mahaavaakyas. In de Rigveda (Aitareyopanishad) vind je: "Pragnyaanam Brahma. Bewustzijn is het Absolute." In de Yajoerveda (Brihadaaranyakopanishad) staat: "Aham Brahmaasmi. Ik ben het Absolute." De Saamaveda (Chaandogyopanishad) zegt: "Tat tvam asi. Gij zijt Dat." In de Atharvaveda (Maandoekyopanishad) staat: "Ayam Aatma Brahma. Dit Zelf is het Absolute." Swami Satchidananda zei: "Yoga zal je voorstellen aan iemand die je niet kent: jezelf." Dit zijn geen van alle triviale uitspraken. Ze tonen integendeel de weg naar de vrijheid.

In de Bhagavad Gietaa (II 16) lees je: "Het onwerkelijke heeft geen bestaan, het werkelijke houdt nooit op te bestaan." (In het Sanskrit: "Naasato vidyate bhaavo naabhaavo vidyate satah." Woord voor woord vertaling: na niet; asatah van het niet-bestaande; bhaavah zijn, vidyate is; na niet; abhaavah niet-zijn; vidyate is; satah van het bestaande.) Wat je in wezen bent, kan nooit ongedaan worden gemaakt. Het is altijd een feit. De onechtheid waarmee je rondloopt, is nooit werkelijk hoezeer je ook je best doet om ze te bestendigen. Het woord religie is Latijn. Re betekent: opnieuw, zoals in repetitie, retour enz. Ligare betekent: verbinden. Als je nadenkt, begrijp je het woord. Wie heeft immers nooit van iemand gehoord, bijvoorbeeld van een neefje dat voetbalt, van iemand die jogt enz. dat hij zijn ligamenten scheurde? Ligamenten zijn banden die verbinden, die samenhouden. Religie betekent dus: opnieuw verbinden of verenigen. Het woordje Yoga, dat afgeleid is van de werkwoordswortel yoej, verenigen, betekent eveneens vereniging. Het verschil is gelegen in het re van religie, waar wordt verondersteld dat de vereniging met je wezenskern werd verbroken en dat ze opnieuw moet worden hersteld. Yogis daarentegen stellen dat de vereniging nooit werd verbroken en ook niet moet worden hersteld. Je kunt alleen op een psychologische wijze vervreemd zijn van jezelf, nooit echt. Je hoeft alleen een foutieve gedachte op te geven, zoals de psychiatrische patiënt die denkt dat hij Napoleon is alleen die idee moet laten varen om te genezen. In zijn Song of the Yoga of Synthesis zegt Swami Sivananda: "You are not this body, not this restless mind, immortal Self you are. Je bent niet dit lichaam, niet deze rusteloze geest, onsterfelijk Zelf ben je." Hij spreekt dus over je wezenlijke werkelijkheid op twee manieren: op een negatieve en op een positieve manier. In de verzen II 23 tot 25 van de Bhagavad Gietaa vind je de positieve beschrijving die Krishna geeft: "Wapens klieven het (Zelf) niet, vuur verbrandt het niet, water kan het niet bevochtigen, de wind kan het niet opdrogen. Onkliefbaar, onbrandbaar, bevochtigbaar noch opdroogbaar, eeuwig, aldoordringend, standvastig, onbeweeglijk en oud is het (niets is ouder). Ongemanifesteerd, ondenkbaar, onveranderlijk wordt het genoemd en het aldus kennend moet je niet treuren." Dit inzicht, dit Zelfbewustzijn is het einddoel van Yoga en is er tevens de methode van. In datzelfde lied Song of the Yoga of Synthesis zegt Goeroedev: "Find the Knower, find the Hearer, find the Seer. Zoek de Kenner, zoek de Luisteraar, zoek de Ziener." Waarnemen is een proces waarbij allerlei factoren een rol spelen, zoals het zintuiglijk voorwerp, de aandacht, het geheugen, het intellect en het ik. Al die factoren ontlenen hun licht en leven aan Bewustzijn dat er achter staat. Dat Bewustzijn, of Goeroedevs Kenner, Luisteraar en Ziener, is geen proces, het is een staat. De Zuid-Indiase wijze Ramana Maharshi zei: "Zien is de hoogste Werkelijkheid." Met andere woorden: Bewustzijn is de hoogste Werkelijkheid. Als je jezelf aanduidt, wijs je niet op je voeten, je buik, je zitvlak, je hoofd enz. Je wijst steevast op je borst. Dáár zit immers je ikgevoel. Dáár zit ieders ikgevoel. Niemand hoeft je dat te leren. Alle mensen wijzen op hun borst als ze het over zichzelf hebben. Als je ik zegt of als het ik je in gedachten komt, voeg je er onmiddellijk iets aan toe. Het is de Zelfvervreemding die zich op die manier manifesteert. Als je het ik zou vasthouden als ik zonder er wat dan ook aan toe te voegen, dan zou je in meditatie zijn. De te overwinnen moeilijkheid is dus de vereenzelviging met de dingen of de identificatie, die zich begon te manifesteren op het ogenblik van de dentificatie of het tanden krijgen. Je verloor dan je babyschap. Welnu, als je het gezicht van de grote wijzen bekijkt, zie je dat ze een babyface hebben. Ze zijn in de staat van Vedanta, de ve-danta- of de weg-tandenstaat of de tandenloze of egoloze staat. Dat is het ook wat je beoefent in de Yogales: je doorbreekt systematisch de vereenzelviging met de dingen en je leert te rusten in Zelfbewustzijn.

Toen Swami Satchidananda ons in 1967 de tweede keer bezocht, wilde hij graag een spiegelfabriek bezichtigen. In India hebben Belgische spiegels een faam. Een goede spiegel komt uit België, denkt men. Na wat zoeken vonden we in Aalst een spiegelfabriekje. We belden de eigenaar en legden hem ons geval uit. We waren onmiddellijk welkom met de Swami, geen probleem. Na het bezoek aan het fabriekje, waar de Swami honderduit vroeg, werden we uitgenodigd in de beste kamer van het huis van de eigenaar, die zichtbaar genoot van de belangstelling. Hij bood de Swami een sigaar en een whisky aan. De Swami weigerde en vroeg waaraan de onderlaag van een spiegel moet voldoen. Het antwoord was dat ze volstrekt zuiver moet zijn, omdat anders het weerspiegelend element loslaat. Zo is het ook met onze geest gesteld, zei de Swami, hij moet zuiver zijn, anders hebben we geen Zelfbewustzijn. De geest is als een spiegel. Als je uit bad komt en in de spiegel kijkt, begin je niet te gillen dat je geen gezicht meer hebt. Je neemt een vod en wrijft de spiegel droog. Je hebt geen Zelfbewustzijn, omdat de spiegel van de geest onzuiver is. Voor er spiegels bestonden, spiegelden mensen zich in het water. Ze gingen bijvoorbeeld in de beek staan en keken in het water. Maar ze moesten wachten tot het water dat ze in beweging hadden gebracht tot rust was gekomen. Ze konden in hun ongeduld het water niet glad strijken. Ze konden alleen stilstaan en wachten. Zo is het ook in Yoga. Je probeert te achterhalen wie je bent. Maar je wordt geconfronteerd met de rusteloosheid van je geest en met allerlei gedachten. De methode is dat je probeert na te gaan aan wie deze gedachten verschijnen. Zo ontdek je de bron van de geest en komt hij tot rust. In het Raamaayana-epos wordt de apenkoning Hanoemaan beschreven als de ideale discipel. De aap verzinnebeeldt de rusteloze geest. De geest kan een negatieve kracht en een positieve kracht zijn. In Hanoemaan wordt de geest beschreven als de meest positieve van alle krachten. En wat is Hanoemaans geheim? Het is zijn bhakti of devotie voor Raama, die de Ultieme Werkelijkheid verzinnebeeldt. Zijn bhakti is een combinatie van de liefde van de vrek voor zijn geld, van de moeder voor haar kind en van de man voor zijn trouwe echtgenote. Kabir zei: "Hridaya main hai aarasie, moekh dekhaa nahim jaaya, moekh tau tabahiem dekhaaie, doevidhaa deha bahaaya. In het hart zelf ligt de spiegel, maar we kunnen ons gezicht niet zien, naar het gezicht kan worden gekeken als de tweeslachtigheid verdween."

Narayana