The Divine Life Society
Afdeling Aalst
Homepage

Uit licht van Sivanada : oktober 2003   Vol. 450

BHASTRIKA

Bhastrika is een ademoefening. Het woord bhastrika betekent: blaasbalg. Zit is een stevige zithouding, flink rechtop en ontspannen. Sluit de ogen. Adem uitsluitend door de neus. De mond blijft de hele tijd gesloten.

Adem tien, twintig keer in en uit op een pompende en krachtige manier, waarbij vooral de ribben actief zijn. Adem dan diep en langzaam in en houd de adem in zolang je kunt. Adem daarna uiterst langzaam uit.

Het inhouden van de adem heet koembhaka, dit betekent letterlijk: als een pot. De longen worden gesloten als een pot. Hierbij worden twee bandhas gebruikt, namelijk jaalandharabandha en moelabandha. Jaalandharabandha is de kinborstklem: de kin wordt krachtig tegen het kuiltje van de keel gedrukt. Moelabandha is het samentrekken en naar boven trekken van de spieren van de anus. De moelabandha kan de hele tijd worden volgehouden. De bandhas kunnen alleen worden geleerd door geduldige oefening.

De bhastrikapraanaayaama kun je een drietal keren herhalen. Praanaayaama is de vierde trede in het achtvoudige Yogapad van Maharshi Patanjali.

De hierboven beschreven praanaayaama is intensief en kan een ontlading van energie tot gevolg hebben. Het is dan ook de boodschap er niet mee te overdrijven. Swami Satchidananda gaf twee gemakkelijke variaties, die gebaseerd zijn op de zuiveringsoefening kapaalabhaati. Kapaalabhaati betekent: wat de schedel doet schitteren of met andere woorden wat je een helder hoofd geeft. De adem wordt door de neus naar buiten gestoten door de buik met kracht in te trekken. De buik wordt daarna onmiddellijk ontspannen zodat de longen zich vanzelf vullen. Eén ronde kapaalabhaati bestaat uit 121 ademstoten (121 is 11 x 11). 11 is een symbolisch getal. Als je van 11 de paren van tegenstellingen aftrekt, zoals hitte en koude, hoog en laag, ziek en gezond, arm en rijk enz. blijft 1 over. Die1 is het Ekam Sat, het Ene Zijn, dat je zoekt te verwerkelijken. De 121 ademstoten moeten heel geleidelijk worden opgebouwd. Tel het aantal op de vingers van de linker hand: 10 ademstoten op de top van de wijsvinger, 10 op de top van de middenvinger enz., daarna op de plaatsen tussen het eerste en het tweede vingerkootje, daarna op de plaatsen tussen het tweede en het derde vingerkootje. Voeg er op het einde 1 aan toe.

Doe twee rondjes door beide neusgaten. Doe de derde ronde door één neusgat. De inademing gebeurt in dat geval door beide neusgaten, de uitademing door één neusgat: de eerste ademstoot door het rechterneusgat, dan door het linkerneusgat en de laatste ademstoot eveneens door het rechterneusgat. Het linkerneusgat wordt gesloten met de pink en de ringvinger van de rechterhand. Het rechterneusgat met de duim van de rechterhand. De wijs- en de middenvinger worden in de handpalm gebogen. Deze klem heet Vishnoemoedraa.

Nu bhastrika gebaseerd op kapaalabhaati

Eerste variatie

Adem twintig, dertig keer of meer in en uit op de wijze van kapaalabhaati en laat dit volgen door een langzame diepe inademing. Houd de adem in zoals hierboven beschreven en adem diep en uiterst langzaam uit.

Tweede variatie

De adem wordt naar buiten gestoten door de buik met kracht in te trekken. Er wordt dan ook niet passief zoals in vorige variatie, maar met kracht ingeademd met de buik. Herhaal dit twintig, dertig keer of meer. Doe dan een diepe inademing, houd de adem in zoals hierboven beschreven en adem daarna uiterst langzaam uit.

Deze oefeningen hebben een versterkend, opwekkend en zeer zuiverend effect. Alles wat het lichaam en de geest zuivert, is een stap in de richting van succes in Yoga. Soms heeft het lichaam uit zichzelf een zuiverende reflex, bijvoorbeeld in de vorm van niezen. Men zegt dan: "Gezondheid!" Men bedoelt hiermee dat alles wat zuivert de gezondheid bevordert. In de oude tijd zei men: "God zegent je." Het werd niet gezegd in de voorwaardelijke wijs, God zegene je, maar als de vaststelling van een feit. Alles wat zuivert, is een zegen, bedoelde men.

Soms zet het geest het lichaam ertoe aan kapaalabhaati te doen. Als de geest zich vrolijk voelt, doet hij je lachen. Het lichaam gaat dan schuddebuiken. Het middenrif wordt dan in beweging gebracht zoals in kapaalabhaati. Dit verklaart waarom je je stukken beter voelt als je eens goed hebt gelachen.