The Divine Life Society
Afdeling Aalst
Homepage

Uit licht van Sivanada : Juni 2007, Vol. 488

Een lezer stuurde me een mail met twee verzen uit de Bhaagavata Poeraana (IV.6.37 en 38), die hij tegenkwam in een boek over Shiva en die ik vertaalde uit het Engels:

37. Hij (Shiva) zat op een grasmat. Hij onderhield Naarada over de aard van het eeuwige Brahman (het Absolute), terwijl andere wijzen meeluisterden.
38. Zijn lotusachtige linkervoet lag op zijn rechterdij en zijn linkerhand lag op zijn linkerknie. Rond zijn rechterpols droeg hij een kralensnoer. Hij hield zijn handen in Tarka moedraa
.

De vraag is: wat is Tarka moedraa? Tarka betekent logica. Tarka moedraa is een synoniem van Gnyaana moedraa of Chin moedraa. De top van de wijsvinger staat tussen de twee kootjes van de duim. De middenvinger, de ringvinger en de pink zijn gestrekt. De handen liggen op de knieën met de handpalmen naar boven.

Gnyaana betekent: kennis in de zin van kennis van de Kenner of Zelfkennis of Zelfbewustzijn. Chit betekent: bewustzijn.

Sandhi
Laat je niet in verwarring brengen door de verandering van chit in chin en hierboven sat in san in sannyaasa. Dergelijke klankwisselingen hebben te maken met welluidendheid en worden sandhi genoemd. Ze komen ook voor in het Nederlands. Het verschil is dat ze in het Sanskrit ook worden geschreven. Een voorbeeld. Als ik wil zeggen: "Op dit scherm", zeg ik in feite: "Ob dit scherm." De stemloze uitgang p van op verandert door de stemhebbende d van dit in een stemhebbende b. Als je er aandachtig op let hoor je die klankwisseling duidelijk. De stemloze uitgang t van dit blijft onveranderd omdat de s van scherm stemloos is.

Betekenis van de naam moedraa
Als je deze hastamoedraa of dit handgebaar aanneemt, verzegel je je bewustzijn in een bepaalde meditatieve staat. Vandaar de naam moedraa of zegel.

Je kunt de Tarka moedraa verklaren op twee manieren. De duim verzinnebeeldt het Zelf of Aatman of hij verzinnebeeldt God. De wijsvinger stelt het ik voor of hij stelt de mens voor. De drie andere vingers verzinnebeelden de natuur of de drie goenasof eigenschappen van de natuur, sattva, rajas en tamas of evenwicht, rusteloosheid en inertie.

Als het ik vereenzelvigd is met het Zelf is de hele natuur in evenwicht. Dit is de eerste verklaring. De tweede verklaring nu. Als de mens gevestigd is in God is de gehele schepping in harmonie. Goeroedev Swami Sivananda schreef zijn hele leven lang. Hij schreef een hele bibliotheek samen. Hij bezat een encyclopedische kennis en hij schreef uit ervaring. Daaraan denk ik altijd als ik de Bergrede lees. Na de rede van Jezus eindigt de evangelist met de bemerking dat de mensen met verstomming waren geslagen, want dat Jezus had gesproken met gezag en niet zoals een van hun schriftgeleerden. Toen Goeroedev op het einde van zijn leven te bed lag ten gevolge van een beroerte riep hij op geregelde tijdstippen een discipel en dicteerde hij zin na zin. De laatste zin die hij dicteerde was: "Het geluk komt als de mens versmelt met God."

De betekenis van de Tarka moedraa vind je terug in verscheidene verzen van de Bhagavad Gietaa, bijvoorbeeld in II 45:

De Vedas handelen over de drie eigenschappen (goenas). Wees jij zonder die drie goenas, O Arjoena, vrij van de paren van tegenstellingen, eeuwig verblijvend in sattva, vrij van verwerven en behouden, gevestigd in het Zelf.

De wijze Gnyaaneshvara geeft daar de volgende commentaar op:
Weet met zekerheid dat deze Vedas alle doordrongen zijn van de drie goenas en dat alleen de Oepanishads kunnen worden beschouwd als de eigenschap van sattva te bezitten. De rest, betrokken in de eigenschappen van rajas en tamas, eist, O Dhanoerdhara, het stellen van handelingen zoals offerrituelen enz., die leiden tot genot in de andere wereld. Besef dan ook, O Paartha, dat dit pad van ritualistische handeling de wortel van het lijden, van vreugde en pijn, zelf uitmaakt en laat niet toe dat je geest hun richting uitgaat. Bevrijd je van de drie eigenschappen (goenas) en hun neigingen, laat nooit enig egoïstisch "ik en mijn" je geest bezoedelen en verlies nooit, zelfs niet een ogenblik, de gedachte aan de extatische zaligheid van de Zelfverwerkelijking uit het oog.

Er is nog een facet aan deze moedraa. Als je je handen strekt en probeert de top van de wijsvinger bij de duim te brengen dan merk je dat je daar alleen in slaagt als ook de duim een beweging maakt. Dit verzinnebeeldt genade (kripaa).

Swami Satchidananda bracht het als volgt onder woorden:Een tevreden mens voelt: "God, wat komt, laat het komen. Gij geeft en Gij neemt. Als Gij beslist niet te geven, dan zal ik niet krijgen, ook niet als ik smeek, leen, steel of huil." Dit betekent niet dat je er moet bijzitten als een rots en niets doen. Je moet nog altijd doen. Maar doe slechts wat op je weg komt. Is dat bijvoorbeeld een werk, doe dat dan met hart en ziel, zonder te tobben over gisteren of morgen. Wees in het gouden heden. Dan is er tevredenheid. Er is dan vrede van geest. De rust is er dan. Misschien vraag je je af: "Moet ik dan geen ambitie hebben?" Ja, je moet ambitie hebben. Wat is de grootste van alle ambities? Het middel vinden om je vrede niet te verliezen.

We willen allen worden verlost van smart en tegenspoed. Het is evenwel slechts de waarheid die je zal vrijmaken. En wat is de waarheid die je zal vrijmaken? De waarheid die je zal vrijmaken is: "Ik ben niet dit lichaam, niet deze rusteloze geest. Ik ben in wezen Bestaan-Bewustzijn-Zaligheid."